Eten is voor de meeste mensen een vanzelfsprekend onderdeel van de dag. Maar wanneer eten steeds meer wordt bepaald door controle, schuldgevoel, eetbuien en de angst om aan te komen, kan er iets anders aan de hand zijn. Boulimia is een eetstoornis die grote invloed kan hebben op je lichamelijke en mentale gezondheid. Aan de buitenkant is niet altijd te zien dat iemand boulimia heeft. Veel mensen met deze eetstoornis hebben namelijk een gewicht dat voor hun omgeving niet direct opvalt. Ondertussen kan iemand dagelijks bezig zijn met eten, gewicht, compenseren en het verborgen houden van eetbuien. Juist daarom is het belangrijk om de signalen te herkennen. Wat zijn de symptomen van boulimia, wat kun je doen als je ermee worstelt en welke professionele behandelingen kunnen helpen?
Wat is boulimia?
Bij boulimia, officieel boulimia nervosa genoemd, heeft iemand terugkerende eetbuien waarbij in korte tijd veel wordt gegeten en het gevoel ontstaat de controle kwijt te zijn. Na zo’n eetbui kan de angst om aan te komen heel sterk worden. Om dat te voorkomen probeert iemand te compenseren. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren door over te geven, heel weinig te eten of extreem veel te sporten. Ook het gebruik van laxeermiddelen kan voorkomen. Hierdoor kan een vervelende cirkel ontstaan. Je probeert streng te controleren wat je eet, krijgt een eetbui, voelt je daarna schuldig en probeert die eetbui te compenseren. Vervolgens begin je opnieuw met streng eten of lijnen, waardoor de kans op een volgende eetbui juist weer kan toenemen. Boulimia draait niet om ’te veel eten’. Het is een psychische aandoening waarbij gedachten over eten, gewicht en het eigen lichaam een grote rol kunnen spelen.
Wat zijn de symptomen?
Eén van de bekendste symptomen van boulimia is het regelmatig hebben van eetbuien. Tijdens zo’n eetbui kan iemand in korte tijd grote hoeveelheden eten en het gevoel hebben niet meer te kunnen stoppen. Daarna volgt compenserend gedrag. Sommige mensen geven over, terwijl anderen maaltijden overslaan, extreem weinig eten of veel gaan sporten. Dit gedrag gebeurt vaak in het geheim. Schaamte speelt namelijk mee bij boulimia. Daarnaast kan je obsessief bezig zijn met eten. Wanneer ga je eten? Hoeveel calorieën bevat iets? Ben je aangekomen? Wanneer kun je een volgende eetbui hebben? Onzekerheid, ontevredenheid over je eigen lichaam, eenzaamheid en schaamte komen hierbij aan te pas. Lichamelijk ga je ook achteruit. Regelmatig overgeven en ander compensatiegedrag kunnen gevolgen hebben voor je lichaam. Daarom kijkt een huisarts bij een vermoeden van een eetstoornis niet alleen naar het eetgedrag, maar bijvoorbeeld ook naar gewicht, bloeddruk en hartslag. Soms wordt aanvullend bloed- of urineonderzoek gedaan.
Hoe kan je met boulimia omgaan?
De belangrijkste stap is erkennen dat je niet alles zelf hoeft op te lossen. Juist omdat schaamte zo’n grote rol kan spelen, kan het verleidelijk zijn om eetbuien en compensatiegedrag voor anderen verborgen te houden. Probeer iemand in vertrouwen te nemen. Dat kan je partner, een familielid of goede vriend zijn. Alleen al niet meer voortdurend hoeven verbergen wat er gebeurt, kan ruimte geven om hulp te zoeken. Verder is het verstandig om een afspraak te maken met de huisarts. Je hoeft daarbij niet zelf zeker te weten dat je boulimia hebt. Je kan vertellen wat er gebeurt, hoe vaak je eetbuien hebt en wat je daarna doet. De huisarts kan beoordelen welke hulp passend is en je zo nodig doorverwijzen. Probeer bij een vermoeden van boulimia snel hulp te zoeken. Probeer ondertussen niet op eigen kracht nóg strengere eetregels in te voeren om de eetbuien te stoppen. Bij boulimia draait herstel juist om het doorbreken van de problematische relatie met eten en het compensatiegedrag.
Welke behandelingen helpen bij boulimia?
Er bestaan verschillende behandelingen voor boulimia. Een belangrijke behandeling is cognitieve gedragstherapie. Hierbij onderzoek je samen met een behandelaar welke gedachten en overtuigingen je hebt over eten, je lichaam en jezelf. Vervolgens leer je deze patronen herkennen en veranderen. Een andere mogelijkheid is interpersoonlijke therapie. Hierbij ligt de aandacht meer op relaties met andere mensen, het omgaan met problemen en het vergroten van zelfvertrouwen. Ook begeleiding door een gespecialiseerde diëtist kan onderdeel zijn van de behandeling. Daarnaast bestaan er groepsbehandelingen, online therapieën en bepaalde vormen van vaktherapie. In sommige situaties kunnen medicijnen worden ingezet, bijvoorbeeld bepaalde antidepressiva. Welke combinatie het meest geschikt is, verschilt per persoon. Daarom wordt samen met de behandelaar een behandelplan opgesteld. Herstel betekent niet dat alles meteen perfect moet gaan. Het veranderen van patronen rondom eten, lichaamsbeeld en emoties kost tijd. Een terugval of moeilijke periode betekent niet automatisch dat een behandeling mislukt is.
Wat vergoedt je zorgverzekeraar bij boulimia?
Omdat boulimia een psychische stoornis is, kan behandeling binnen de geneeskundige ggz onder voorwaarden vanuit de Nederlandse basisverzekering worden vergoed. Voor volwassenen geldt onder andere dat sprake moet zijn van een psychische stoornis die onder de DSM-5-classificatie valt en dat de behandeling moet voldoen aan de stand van wetenschap en praktijk. Meestal is voor ggz-behandeling een verwijzing nodig. Begin je bij de huisarts of praktijkondersteuner ggz, dan valt die hulp onder huisartsenzorg. Hiervoor betaal je geen verplicht eigen risico. Word je doorverwezen naar de geneeskundige ggz, dan valt deze zorg wel onder het verplichte eigen risico. Voor geneeskundige ggz geldt geen eigen bijdrage, al kunnen de precieze voorwaarden en de keuze uit gecontracteerde zorgverleners per polis verschillen.
Ook diëtetiek kan relevant zijn. Wanneer er een medisch doel is, vergoedt de basisverzekering maximaal drie uur diëtetiek per kalenderjaar. Of aanvullende begeleiding binnen een eetstoornisbehandeling op een andere manier wordt bekostigd, hangt af van de behandeling en zorgaanbieder. Controleer daarom voordat je met een behandeltraject begint altijd de polisvoorwaarden. Vooral bij een niet-gecontracteerde psycholoog of gespecialiseerde eetstoorniskliniek kan het verschil maken welke zorgverzekering je hebt.




